Wat is een vispassage?

Vissen verplaatsen zich voortdurend in een waterloop op zoek naar voedsel, paai- en broedplaatsen, overwinteringsgebieden of nieuwe leefgebieden. Stuwen zijn een grote hindernis voor deze vissen. Ze vormen een fysiek obstakel en zorgen voor een te hoge stroomsnelheid van het water. Daarom is dit een knelpunt voor de vismigratie.

Vissen kunnen er namelijk niet zomaar voorbijzwemmen. Waar mogelijk bouwen we dan ook vispassages om de verplaatsing van de vissen makkelijker te maken. Deze passages zorgen ervoor dat vissen trapsgewijs om een stuw of sluis heen kunnen zwemmen. 

Er zijn verschillende soorten vispassages. Sommige bestaan uit een eenvoudige buis, sommige zijn heuse trappen. De vispassage is telkens aangepast aan de soorten vissen die in de waterweg voorkomen.

Hoe vindt een vis zijn weg naar de vispassage?

Een vis merkt nauwelijks dat hij door een vispassage zwemt. Vissen zwemmen intuïtief tegen de stroom in. Daarom lokken we de vissen met een nagebootste stroming de vispassage in, een zogenaamde lokstroom. Door te zorgen dat de stroming vanuit de vispassage sterker is dan de stroming die van de stuw komt, sturen we de vis de goede kant op. De lokstroom mag niet te sterk zijn, want dan kunnen kleinere vissen er niet tegenin zwemmen.

Wat is vismigratie?

Vissen trekken van nature door beken en rivieren. Dit doen ze om zich voort te planten maar ook om voedsel te vinden of een schuilplaats te zoeken voor de winter. Sommige soorten, zoals de Atlantische zalm of paling, leggen duizenden kilometers af om hun paaigebieden te bereiken.  Dat heet ‘vismigratie’.

Door de aanleg van stuwen zijn barrières ontstaan en kunnen vissen rivieren en beken niet meer bereiken. Om vissen makkelijker te laten migreren, bouwen we vispassages in de buurt van stuwen.

Wat is natte natuur?

Natte natuur is de verzamelnaam voor natuur in en langs het water. De aanwezigheid van water brengt een typische waardevolle fauna en flora met zich mee, die heel goed is voor de biodiversiteit. Natte natuur kan een gebied zijn, maar kan ook een deel zijn van een natuurgebied, bijvoorbeeld een poel in een heidelandschap of een meanderende beek in een bos. 

Wat zijn natuurvriendelijke oevers?

In het verleden werden heel wat rivieren geschikt gemaakt voor de binnenvaart. Daardoor hebben de oevers van deze rivieren hun natuurlijke waarde door de jaren heen verloren. Deze oevers worden hersteld op een natuurvriendelijke manier om economie en natuur weer hand in hand te laten gaan

Op heel wat plaatsen langs de rivier de Leie worden zogenaamde vooroevers gebouwd door stalen wanden of palen te plaatsen tussen de oever en de waterweg. Zo beschermen ze de eigenlijke oever tegen de golfslag van de schepen. Ook ontstaan hierdoor luwe, ondiepe zones die gevuld worden met water uit de rivier. Zo vormen er zich plekken die een waar paradijs zijn voor de ontwikkeling van typische fauna en flora. Verder worden lokaal diepere zones beschermd, om zo vispopulaties een veilige verblijfplaats te bieden. 

We gebruiken een variatie van verschillende methodes voor een natuurvriendelijke herstel. Het kan gaan om open water of moeraszones, maar ook natte, vochtige of drogere natuurtypes. Die variatie is gunstig voor de biodiversiteit. We werken met zoveel mogelijk natuurvriendelijke materialen, zoals spontane begroeiing van planten of kiezen voor inheemse plantensoorten. Deze zones kunnen acht tot twintig meter breed zijn.

Wat zijn meanders?

Meanders zijn natuurlijke lussen in de waterloop, het bewijs van een kronkelende rivier. Honderden jaren geleden kende de Leie nog vele meanders. Door de eeuwen heen werden deze lussen stelselmatig rechtgetrokken om de Leie beter bevaarbaar te maken voor de binnenvaart. De vroegere Leiemeanders zijn dan ook in de meeste gevallen afgesloten van de gekanaliseerde Leie. Sommige zijn gedempt, andere worden gebruikt als visvijver of liggen er verlaten bij. Met het project willen we waar mogelijk de meanders opnieuw verbinden met de rivier.

Waarom zullen sommige meanders aangepast worden en anderen niet?

n overleg met experten, bekijken we waar we de bestaande biodiversiteit langs de Leie een extra impuls kunnen geven. De Leiemeanders worden allemaal uitvoerig onderzocht op verschillende factoren. Een van deze factoren is de waterkwaliteit. Aangezien de afgesneden Leiemeanders momenteel vaak een (veel) betere waterkwaliteit hebben dan de Leie zelf, dient de waterkwaliteit in de vaarweg eerst nog verder te verbeteren voordat de aansluiting kan gerealiseerd worden. Anders bestaat de kans dat het water ​in de meander slechter zou zijn dan voor de aanpassing. Voor bepaalde meanders, die nu reeds een grote diversiteit aan planten en dieren hebben ontwikkeld, kan daarom beslist worden deze (nog) niet in verbinding te stellen met de Leie.

 

Wat is een fauna-uitstapplaats?

In het verleden werden rivieren aangepast voor de binnenvaart. Dat gebeurde door deze rivieren rechter te maken of te kanaliseren. Bij gekanaliseerde rivieren zoals de Leie of kanalen zoals het Afleidingskanaal van de Leie vormen de steile oevers een gevaarlijke barrière voor diverse diersoorten. Daarom bouwen we op heel wat plaatsen fauna-uitstapplaatsen.

Vogels hebben geen probleem om vanop het water hun vleugels open te slaan en aan land te gaan. Voor dieren die lopen, kruipen of kronkelen is dat wel anders. Daarom bouwen we aan de waterkant een soort trapje, waardoor ze makkelijk op het droge geraken.

Welke soorten meanders zijn er?

Langs de Leie zijn er twee soorten meanders:

  • Parallelle meanders sluiten nauw aan bij de huidige Leie. Deze meanders vinden we vooral vanaf Kortrijk richting Wervik;
  • Grote, boogvormige meanders snijden de Leie bijna loodrecht. Deze meanders zijn terug te vinden vanaf Kortrijk richting Deinze.